Spring naar inhoud

Hoe MBO-studenten beter Nederlands kunnen leren

september 28, 2016

Op vrijdag (23/9) was in Amersfoort de MBO Taalconferentie, georganiseerd door de ITTA (UvA). Voor een startend MBO-docent Nederlands een mooie gelegenheid om een overzicht te krijgen van wat er leeft en speelt in de wereld van MBO en Taal. En om inspirerende collega´s te ontmoeten, die vanuit het hele land waren samengekomen. De belangrijkste inzichten die ik mee naar huis heb genomen:

Werken met taal uit de praktijk en met vakdocenten

  • Voor goed en nuttig taalonderwijs is samenwerking tussen vakdocenten en docenten Nederlands noodzakelijk. De vakdocenten beheersen de vaktaal en de toepassing ervan; de docenten Nederlands het aanleren van mondelinge en schriftelijke vaardigheden. Om het taalniveau van de studenten omhoog te krijgen is daarom samenwerking nodig tussen vakdocenten en docenten Nederlands.
  • Er zijn ROC´s die met Drieslag Leren aan de gang zijn (Rotterdam, Leeuwarden). De werkpraktijk, de taal en taalproducten die hier gebruikt worden, zijn het uitgangspunt van het taalonderwijs. De motivatie van studenten om op deze manier met taal aan de slag te zijn is veel groter, want de materialen sluiten aan bij het taalniveau van de student en de situatie op de werkplek. Dit geeft zin en betekenis. De MBO-raad heeft met Kennisnet een database ontwikkeld om taalproducten te herkennen in materialen van vakdocenten en werkgevers.

Tussen spreektaal en vakjargon

Jannet van Drie van de UvA heeft in kaart gebracht dat tussen spreektaal en professioneel jargon nog twee niveaus van uitdrukken zitten: hoe je iets uitlegt en hoe je het opschrijft. De variatie zit in de mate van complexiteit en aanwezigheid van de context. Bij het schrijven van reflectieverslagen worden vaak begrippen gebruikt die complex zijn, zonder aanwezigheid van de context. Voor het MBO zou het inzetten van de tussenliggende niveaus van taal mogelijk een handvat bieden (Van Dat-taal naar Cat-taal).

Reflectieverslagen niet nuttig voor groot deel MBO 1 en 2

Ronald Hünneman (RuG) heeft studie gemaakt van het gedrag van apen en het gedrag van mensen in soaps. Zijn stelling: als je iets van mensen wilt begrijpen, lees dan alles over chimpansees. Hij onderscheidt verschillende niveaus van sociale cognitie, wat iets zegt over de ingewikkeldheid van denkniveaus. Het eerste niveau is die van Stimulus en Respons. Het tweede is ´Hij denkt dat er water is´. Het derde is: ´Ik denk dat Henk denkt dat er water is.´ De meeste mensen zitten zo rond het derde niveau. Soaps maximaal op niveau twee.

Een reflectie als ´Ik denk dat hij denkt dat ik denk dat hij dat denkt´ is van het vierde niveau. Reflectieverslagen zitten op niveau 3. Een niveau dat niet past bij de manier van waarnemen en handelen van een groot deel van MBO 2. Een vergeten groep, aldus Hünneman.

computer mouse and folders

Maak van een praktijkverslag een dossier

In de workshop van Gerald van Dijk van de HU hebben we een praktijkverslag geanalyseerd. Het verslag had geen kop en geen staart, bevatte spreektaal en vakjargon. Eigenlijk was het niet duidelijk welk doel het document had, voor wie het was geschreven.  Ook hebben we de instructie voor het maken van het verslag bekeken. De schrijvers hadden zich netjes gehouden aan de eisen waaraan het verslag moest voldoen. Van Dijk promoveert op taalonderwijs voor ICT-studenten. Zijn advies: maak van het praktijkverslag een dossier. In dit dossier zitten vier documenten:

  1. Het productverslag, waarin de beschrijving van het gemaakte product/ geleverde dienst, bestemd voor de docent.
  2. Een artikel voor een vakblad, met een uitleg over het onderwerp waar je mee bezig bent geweest, bestemd voor gebruikers. In foutloos Nederlands!
  3. Een procesbeschrijving, waarin de problemen staan die de student is tegengekomen, hoe tot een oplossing is gekomen en welke beslissingen de student heeft genomen. Dit hoeft maar een korte opsomming te zijn, bijv. 300 woorden. Bestemd voor de docent.
  4. Job Bag, aantekeningen, wat ga je bewaren voor een volgende opdracht, bronnen. Hoeft niet in net Nederlands, bestemd voor eigen gebruik.

Conclusie: een zeer waardevolle en leerzame conferentie, met interessante sprekers en veel nieuwe inzichten. Ik ga onderzoeken welke ik op korte termijn al kan inzetten in mijn eigen lessen en op welke manier vakdocenten zouden willen samenwerken voor het verbeteren van het taalniveau van de studenten.

Lilian Boonstra

28 september 2016

Advertenties

Waarom ik in het MBO aan de slag wil met Nederlands en hybride werkplekleren, update

september 5, 2016

Afgelopen week stond in de krant dat  het Koning Willem I College in Den Bosch de beste innovatie voor het MBO gerealiseerd, sinds de afgelopen 12 jaar (AD: 02/09/2016). Het KW1C heeft de afgelopen jaren het hybride werkplekleren ingevoerd. De leerlingen leren nu niet eerst de theorie om een diploma te behalen, maar leren in de praktijk voor een beroep.

De theorie wordt pas uitgelegd na ervaringen op de werkplek. De stof krijgt meer betekenis en de leerlingen zijn veel gemotiveerder om ermee aan de slag te gaan. Wie geïnteresseerd is in deze manier van leren leest het boek ´de omgekeerde leerweg´ van Erica Aalsma, van de Leermeesters. Zij is de geestelijk moeder van hybride werkplekleren.

Onderweg naar MBO docent

Na een leuke en leerzame stage bij de Entree-opleiding van het ROC Rijnijssel (MBO1) ben ik vorige week gestart bij het Graafschap College, bij de opleiding Dienstverlening van de sector Zorg, Welzijn, Sport en Recreatie. Wat ik ga doen is Nederlands geven aan leerlingen van het eerste en tweede jaar.

reactor.jpgDe introductieweek is gestart met een bezoek aan Kernwasser Wunderland, waar we een kijkje mochten nemen achter de schermen van dit pretpark. We hebben geleerd hoe we een tafel indekken, gecheckt met een lijst hoe schoon hotelkamers zijn en bedacht welke activiteiten we in de congreszalen zouden kunnen organiseren. Het was een mooie gelegenheid om de leerlingen en collega´s te leren kennen. Wat me opvalt is het plezier en de passie van de docenten en de vastberadenheid van de leerlingen om het diploma te gaan halen.

Wat mijn doel is bij deze stageplek -en waarmee ik heel blij ben dat ik daarvoor de gelegenheid krijg- is om aan de slag te gaan met Nederlands en hybride werkplekleren. De opleiding Mijn School gaat hiermee aan de slag en ik mag ze ondersteunen. De opleiding Dienstverlening wil graag de opgedane kennis en ervaring inzetten om meer maatwerk te kunnen gaan leveren. Naast lesgeven wordt dit mijn inbreng in het team. Ik geloof er in dat ook het leren van Nederlands op de werkplek het meest betekenisvol is, het leukste om te doen voor leerlingen en daarom het beste om te doen als docent!

We gaan ervan leren, de komende tijd. Ik heb er veel zin in!

Lilian Boonstra

5 september 2016

Stop met pitchen! Over een levenlang leren voor zzp’ers.

juli 1, 2016

Hoeveel aandacht besteden zzp’ers en zzp-netwerken aan levenlang leren?

Recent onderzoek geeft aan dat de meeste banen en opdrachten via netwerken worden verkregen. De arbeidsmarkt en het werk veranderen snel. Wie garandeert je dat het werk dat je nu doet over vijf jaar nog bestaat? Zzp-netwerken zouden veel meer samen met opdrachtgevers en opleiders gelegenheid tot leren voor zzp’ers kunnen organiseren, om aan de vraag van opdrachtgevers te kunnen blijven voldoen.

Visie en leiderschap in netwerken

ZP´ers zitten gemiddeld in drie netwerken: lokaal voor sociale contacten en vrijwilligerswerk (betekenisgeving), regionaal voor het verkrijgen van opdrachten en landelijk voor professionalisering. (Bron: KIZO (2014), De zzp-maatschappij, te groot om te negeren).

Er worden op dit moment interreg projecten bedacht, waar subsidie is voor ontwikkeling van regio’s. Hoeveel zzp-netwerken zijn hier actief mee bezig om bij te dragen aan regionale innovaties? Om ROC-docenten bij te praten over het hybride/ zzp-bestaan dat veel van hun studenten zullen gaan leven? Er zou meer potentie uit de netwerken gehaald kunnen worden voor duurzame inzetbaarheid van zelfstandige professionals, door visie, focus en leiderschap.

Aangehaakt blijven op arbeidsmarkt

In het aanbod van netwerken en trainingen voor zelfstandig professionals staan vaak ondernemerschap, pitchen en social media centraal. De opdrachtgever kiest echter voor vakmanschap en of hij in degene die hij voor zich ziet, het vertrouwen heeft om de klus te klaren.

Stop daarom met pitchen en begin met vragen. Aan elkaar en aan de klant: onderzoek per branche en vakgebied welke vragen er zijn, nu en in de toekomst. Welke kennis en expertise hebben zelfstandige professionals nodig om deze vragen samen op te kunnen blijven lossen?

Meer lezen over duurzame zzp’ers? www.fitvoordetoekomst.nl

Lilian Boonstra

28 mei 2016

Hoe word je een duurzame zzp’er?

mei 23, 2016

tee

Een maand geleden is het boek verschenen: FIT voor de toekomst: duurzame ondernemer/ duurzame zzp’er. Waarom zou je je als zzp’er je verdiepen in duurzaamheid? Er liggen hier veel kansen voor zzp’ers! Met de afspraken van de klimaatconferentie, afgelopen jaar in Parijs, is wereldwijd afgesproken dat in 2030 geen fossiele brandstoffen meer zullen worden gebruikt. Dat betekent nogal wat voor organisaties en bedrijven. Eerder of later gaat zal het roer omgaan. Wat betekent dat voor jou?

Inhoud

PrintOp alle vakgebieden is een slag naar duurzaamheid te maken. Als eerste denk je bij duurzaamheid aan de harde kant: energie, milieu en afval. Maar evenzeer nodig zijn visie, leiderschap, duurzame verdienmodellen, marketing en duurzame hrm. In het boek ‘Fit voor de Toekomst: duurzame ondernemer/ duurzame zzp’er’ zijn 11 diepte-interviews met zzp’ers uit verschillende branches en uiteenlopende vakgebieden die vertellen over de manier waarop zij samen met hun klanten duurzame oplossingen realiseren.

Proces

Op welke manier kun je zelf duurzaam werken? Hoe kun je kilometers verminderen, papiergebruik en energie besparen? Maar ook welk verdienmodel en hoeveel financiële reserves heb je om je eigen bedrijf duurzaam te laten voortbestaan? Achterin het boek staat een checklist om te zien wat je zelf al duurzaam doet en op welke punten je nog kunt verbeteren.

Context

Hoe blijf je als zzp’er aangehaakt bij de ontwikkelingen in de arbeidsmarkt? Werk dat er nu is, zal wellicht over vijf jaar niet meer bestaan. Om bij te blijven en in te spelen op kansen voor werk, is nodig dat iedere professional een dag in de week investeert in opleiding en training.

Doe je vrijwilligerswerk om maatschappelijk betrokken te zijn? Volg je de nationale en internationale ontwikkelingen op je vakgebied? Oriënteer je je op wat er gebeurt in andere branches en wat je daarin kunt betekenen? Loop je via je netwerk stage om op de werkplek te blijven leren? Kennis is via social media en internet gratis en vrij toegankelijk. Weet jij de weg en volg jij je pad?

Informatie over het boek: www.fitvoordetoekomst.nl

Lilian Boonstra

23 mei 2016

 

Uitdagingen voor duurzame ondernemers en zzp’ers, verslag boekpresentatie 15/4

april 16, 2016

Op 15 april j.l. vond in het DRU-complex te Ulft de boekpresentatie plaats van het boek ‘FIT voor de toekomst: duurzame ondernemer, duurzame zzp’er’, van Otto Willemsen en Lilian Boonstra. Deze presentatie werd ingeleid en uitgeleid door twee interessante sprekers: Prof. dr. Leo Witvliet van Nyenrode verzorgde de inleiding over de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en Maurits Groen sloot af met de uitdagingen voor een duurzaam Nederland.

Afnemende baangarantiefitleo.jpg

Witvliet sprak over baangarantie, werkgarantie en inkomensgarantie: 30 procent van de zzp’ers blijkt niet in staat om voor zichzelf baangarantie of werkgarantie te organiseren. Slechts 20 procent van de zzp’ers is ondernemer en bedruipt zichzelf goed. De baangarantie in het algemeen zal alleen nog maar afnemen (Bron: ZZP-vloot). Het communistische model werkte niet, het neoliberale model van ieder voor zich toont zich ook niet toereikend om een maatschappij te organiseren die fair is, aldus Witvliet. Dit vraagt om niet-uniforme keuzes, andere instrumenten en om verwachtingenmanagement.

Geen fossiele brandstof meer in 2030

fitmauritsMaurits Groen, no 1 duurzaamheid en uitvinder van de Waka-waka-lamp, vertelde over de betekenis van de klimaatconferentie in Parijs, dat het heel bijzonder is dat alle landen zijn overeengekomen dat in 2030 geen fossiele brandstof meer wordt gebruikt! Zouden we niets doen, dan zouden we streven van 3 graden temperatuurstijging niet halen, met rampzalige gevolgen.

Het hoopvolle is dat er wereldwijd commitment is voor de strategie en uitvoering voor het behalen van deze doelstellingen. Investeerders richten zich nu op alternatieve energiebronnen, met als gevolg dat binnen een korte tijd alle kolenmijnen in Amerika al failliet zijn. Volgens Groen zijn er voldoende kennis en middelen voorhanden om inventief te zijn. Het vraagt om de keuze op individueel en maatschappelijk niveau om hiermee aan de slag te gaan!

Informeren en inspireren FITsamen

Otto Willemsen en Lilian Boonstra hebben dit boek geschreven omdat zij kansen zien voor duurzame ondernemers en duurzame zzp’ers, op alle vakgebieden.  Het boek wil informeren en inspireren op welke manier samen duurzaam aan de slag te gaan. Wat zij met het boek willen bereiken?

  • Dat ondernemers de kansen zien van het strategisch samenwerken met zzp’ers in de flexibele schil, om innovatie, duurzaamheid en wendbaarheid te realiseren.
  • Dat zzp’ers kiezen voor vakmanschap, actief deelnemen in netwerken en dat zij duurzaam samenwerken.
  • Dat de overheid in haar beleid fair is voor zzp’ers, zich sterk maakt voor inkomensgarantie en werkgarantie voor zzp’ers die het in hun eentje niet voor elkaar krijgen.
  • Dat de opleiders hun studenten voorbereiden op een realiteit zonder baangarantie en met snel verouderende kennis: ze toerusten om zelfstandig aan de slag te gaan en leren hoe een levenlang te leren.
  • Dat de zzp’ers een levenlang kunnen blijven leren en het aanbod van opleiders hierop is toegesneden, met inzet van virtueel werkplekleren.

http://www.fitvoordetoekomst.nl/

Lilian Boonstra

16 april 2016

ZZP’er en een levenlang leren, over mijn laatste dag als ZZP’er

april 7, 2016

Deze maand bestaat mijn bedrijf Realisatieadvies vijf jaar. Honderd dagen geleden heb ik aangekondigd te stoppen als zzp’er en verder te gaan als hybride freelancer en docent Nederlands voor het MBO. Vrijdag 8 april is de 100e en dus de laatste dag…

Nog belangrijker dan de eerste 100 dagen van een nieuwe uitdaging zijn de laatste 100 dagen van iets waar je mee stopt, zo schreef Maarten Bremer in zijn blog. Het is de kunst te leren van wat je gedaan hebt. Welke inzichten en ervaringen hebben het zzp-bestaan mij gebracht?

Focus

Als je weet je wat je wilt en dit deelt met anderen, komen er dingen op je pad die je van tevoren niet had kunnen bedenken: de Tweede Kamer die mij opbelt met het verzoek om als praktijkdeskundige in te komen spreken. Of de generaal van de Landmacht die mij mailt of ik alsjeblieft wil komen vertellen over zwermsessies. Ik had het niet kunnen verzinnen, maar het is wel gebeurd.

Vraaggestuurd werken zwermsessies

Mijn missie is vraaggestuurd werken: aansluiten bij de behoefte van de opdrachtgever voorkomt veel verspilling en levert het meeste rendement. Ik wilde vindbaar zijn voor de mensen die een vraag hebben die ik met ze kan oplossen. Niet pitchen of koude marketing plegen, maar luisteren naar de vraag van de opdrachtgever en waarde toevoegen op het moment dat de klant daar behoefte aan heeft. Ik heb erop vertrouwd dat het zo zou werken en dat bleek het geval.

Ik heb met input van Erwin Witteveen het instrument zwermsessies ontwikkeld, zodat organisaties vraaggestuurd interne en externe professionals kunnen werven, zonder moeite, in een halve dag. Inmiddels zijn al 30 zzp’ers op deze manier aan een langlopende opdracht gekomen, naar volle tevredenheid van de opdrachtgevers. (www.zwermsessies.nl)

Een levenlang leren

Er is behoefte aan sterke netwerken, die visie en leiderschap tonen. Zo’n 70 procent van de zzp’ers verkrijgt opdrachten via formele of informele netwerken. Er ligt een grote opdracht voor deze netwerken om de miljoen zzp’ers een levenlang te kunnen laten leren. Bij organisaties maken ze zich druk over talentmanagement en vakmanschap. Wie maakt zich druk de talenten en het vakmanschap van de 1,2 miljoen zzp’ers, zodat zij aangehaakt blijven bij de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt?

FIT voor de toekomst

De afgelopen 100 dagen heb ik vooral benut voor het schrijven van een boek, dat volgende week verschijnt: FIT voor de toekomst: duurzame ondernemer/duurzame zzp’er. Hierin hebben Otto Willemsen en ik onze missie en visie verwoord en praktijkervaringen willen delen met ondernemers en zzp’ers die overwegen met duurzaamheid aan de slag te gaan.

Op alle vakgebieden kun je een slag maken in duurzaamheid: aan de harde kant (milieu, afval, energie). maar ook aan de zachte kant: visie, leiderschap, verdienmodellen, duurzame marketing en hrm.Wie nu niet in duurzaamheid stapt, valt morgen buiten de boot. Dit geldt voor opdrachtgevers en ook voor zzp’ers. (www.fitvoordetoekomst.nl)

Hoe word ik een duurzame zzp’er?

Missie-haiku-Lilian-Boonstra4Ik heb mijzelf de vraag gesteld: hoe word ik een duurzame zzp’er? Prof. dr. Leo Witvliet van Nyenrode heeft me geleerd dat waarde draait om vakmanschap. Ik maak de cirkel rond en ga weer door met het vak waarmee ik mijn prachtige loopbaan begonnen ben: de Nederlandse taal. Hoe kan ik met mijn kennis en expertise blijvend van waarde zijn? Het wel of niet beheersen van de taal maakt het verschil om wel of niet mee te kunnen doen in de maatschappij. Er zijn er nu te veel die afhaken. Ik ben zelf de opleiding tot docent Nederlands gestart en heb de eerste stage MBO 1 voor volwassenen, bij de sociale werkplaats in Arnhem gisteren met succes afgerond.

Mijn ambitie? Nadat ik het vak van docent in de vingers heb wil ik directeur worden van een virtueel (opleidings)bedrijf, waar volwassenen (zzp’ers en niet-zzp’ers) kunnen leren op de werkplek. Werkplekleren blijkt de meeste effectieve manier van leren te zijn. Ik ga er graag mee aan de slag!

Mijn klanten, collega’s, zakelijke relaties en vrienden wil ik bedanken: voor het vertrouwen dat jullie me hebben gegeven en de mooie dingen die we samen hebben gedaan!

Lilian Boonstra

4 april 2016

Wat kunnen gemeenten doen voor ZZP’ers?

januari 23, 2016

 

Op 14 januari j.l. organiseerde VNG-KING haar jaarlijkse nieuwjaarscongres. Het thema was: De Toekomst. Interessante sprekers als Wim de Ridder, Jan Nekkers, Maarten van Rossem en Daan Kwakernaat waren naar Den Bosch gekomen, waar zich de gemeentesecretarissen en directeuren van gemeenten hadden verzameld.

Gemeenten en ZZP’ers

In deze setting mocht ik als vervanger van prof.dr. Leo Witvliet een workshop verzorgen over Economie en Arbeidsmarkt en de rol en positie van ZZP’ers daarin. Uit recent onderzoek van KIZO voor Amsterdam Economic Board blijkt dat er zzp’ers zijn die zich prima redden (20 %) en dat er een groep is die het niet redt (7,1%).  Het is de verwachting dat in 2020 het aantal zzp’ers in Nederland zal zijn verdubbeld naar 2 miljoen. De vraag in de groep was: wil je en kun je wat voor zzp’ers betekenen?

Praktijkvoorbeelden faciliterende gemeenten

Er waren een paar aanwezigen die aangaven zich actief in te zetten voor zzp’ers en een aantal die deze vraag bezighield. ‘Als je ondernemers faciliteert met bijv. bedrijventerreinen en begeleiding, dan zou je evengoed iets voor zzp’ers moeten willen doen’. In de groep waren twee voorbeelden van gemeenten die regionaal een online marktplaats waren gestart voor opdrachten. ‘In Zuid-Limburg is het systeem zodanig ingeregeld, dat na inschrijving gelijk aan alle inkoopvoorwaarden is voldaan.’

In de gemeente Almere (zzp-city) zijn 6000 zzp’ers. De aanleiding voor beleidsadviseur Economie Constance Buyne om eerst een enquête te houden onder de zzp’ers of ze ondersteuning nodig hadden. Als vervolg is een versnellingstafel georganiseerd met alle betrokkenen om te inventariseren hoe de gemeente hen kan ondersteunen. Dit heeft tot ondermeer de volgende activiteiten geleid:

  • een informatiepagina voor zzp’ers op de website;
  • een overzicht van mogelijke financiers voor investeringen;
  • ondersteuning bij het vinden van geschikte huisvesting, buiten bedrijventerreinen;
  • zinvolle netwerkbijeenkomsten, over inhoudelijke thema’s.

Vraaggestuurde organisatie met flexibele schillogozwermsessies

Ook binnen de gemeente-organisatie vinden veranderingen plaats. Gemeenten gaan van een regelende naar een faciliterende organisatie. Dit vraagt om een andere manier van werken.

De gemeente Oude IJsselstreek heeft ervoor gekozen om als netwerkorganisatie te gaan werken. Met een rollenboek in plaats van een functiehuis. Met een flexibele schil van externe professionals, om up-to-date kennis in huis te kunnen halen en houden. Om de beste professionals uit de regio te vinden maakt zij gebruik van zwermsessies (www.zwermsessies.nl).

Hoe de transformatie van Oude IJsselstreek is gerealiseerd, is te lezen in VNG Magazine Online.

Lilian Boonstra

23 januari 2016